Vergunningen biogascentrale Bunschoten-Spakenburg terecht ingetrokken

De Raad van State heeft uitspraak gedaan in het hoger beroep van de bodemprocedure inzake het bedrijf A. van de Groep & Zn. in Bunschoten. De vergunningen van de biogascentrale zijn terecht ingetrokken. De Raad van State oordeelt net als de rechtbank dat het belang van het voorkomen van strafbare feiten zwaarder weegt dan de belangen van het biogasbedrijf.

vrouwe justitia

Dit betekent dat het bedrijf geen omgevingsvergunning(en) meer heeft en alle vergunningplichtige activiteiten, zoals de biovergisting, moet beëindigen.

De hoogste rechter in het bestuursrecht heeft uitspraak gedaan. Dit betekent dat er geen verder beroep meer mogelijk is. In een reactie stellen Gedeputeerde Staten van de provincie Utrecht: ‘De uitspraak toont dat GS het Bibob-besluit zorgvuldig heeft genomen. GS voelde zich genoodzaakt om de vergunningen in te trekken en te weigeren vanwege de betrokkenheid van dit bedrijf bij strafbare feiten. Alhoewel GS tevreden is met deze uitspraak, betreurt zij de gevolgen voor medewerkers en toeleveranciers'.

Achtergrond

Gedeputeerde Staten hebben op 23 juni 2020 de aangevraagde vergunning geweigerd en de bestaande vergunningen van Van de Groep voor o.a. het vergisten van afval ingetrokken op basis van de resultaten van een Bibob-onderzoek. Onderdeel daarvan is een advies van het Landelijk Bureau Bibob, waarin werd geconcludeerd dat er een ernstig gevaar bestaat dat vergunningverlening aan A. van de Groep & Zonen B.V. mede zal worden gebruikt om strafbare feiten te plegen en uit strafbare feiten verkregen middelen te benutten. De rechtbank heeft het door Gedeputeerde Staten genomen besluit eerder al in stand gelaten. Hierop ging Van de Groep in hoger beroep. Tot de uitspraak van de Raad van State kon Van de Groep gebruik blijven maken van de vergunningen.

Gedeputeerde Staten van Utrecht hebben kennisgenomen van de uitspraak van de Raad van State en gaan deze eerst bestuderen zodat aan de uitspraak zorgvuldig opvolging kan worden gegeven.

Voor persinformatie:
miranda.mens@provincie-utrecht.nl06 53 21 55 01