Regelgeving: Vrijstellingsbesluit wateren provincie Utrecht 2006

Hier vindt u alle geldende regelingen; verordeningen en beleidsregels van het provinciebestuur van Utrecht.

Functies bij deze pagina

Subnavigatie

Regelgeving: Vrijstellingsbesluit wateren provincie Utrecht 2006

Vrijstellingsbesluit wateren provincie Utrecht 2006

Deze regeling is geldig sinds 1 december 2006 tot 26 maart 2011

In deze regelgeving

Wettechnische informatie

Gegevens van de Regeling

Type overheidsorganisatieprovincie
Naam overheidsorganisatie (creator):Utrecht
Websitehttps://www.provincie-utrecht.nl/
Citeertitel van de regelingVrijstellingsbesluit wateren provincie Utrecht 2006
Officiële naam regelingBesluit van gedeputeerde staten van Utrecht van 20 juni 2006, nr. 2006REG001372i, houdende vrijstellingen van het ligplaatsverbod
Afkorting van de naam van de regeling 
Vastgesteld doorgedeputeerde staten
Onderwerp van de regelingnatuur en landschap, vergunningen/ontheffingen, waterwegen
Datum tot wanneer (een versie van) de regeling geldig is26 maart 2011
Bron

Verordening bescherming natuur en landschap provincie Utrecht 1996, art. 7c, lid 3

Verordening bescherming natuur en landschap provincie Utrecht 1996, art. 7g

Verordening bescherming natuur en landschap provincie Utrecht 1996, art. 7h, lid 5

Verordening bescherming natuur en landschap provincie Utrecht 1996, art. 7j, lid 4
 

Gedelegeerde regelgeving

Geen.

Opmerkingen m.b.t. de regeling

Deze regeling vervangt mede het Vrijstellingsbesluit woonschepen.

Deze vrijstellingsbesluit is vervangen door:  Landschapsverordening provincie Utrecht 2011

Datum van inwerkingtreding van deze versie1 december 2006
Datum terugwerkende kracht van deze versie 
Betreft (aard van de regeling/wijziging)art. 5
Datum ondertekening regeling14 november 2006
Datum bekendmaking30 november 2006
Vindplaats bekendmakingProvinciaal blad, 2006, 31
Datum ondertekening inwerkingtredingbesluit14 november 2006
Vindplaats bekendmaking inwerkingtredingbesluitProvinciaal blad, 2006, 31
KenmerkOnbekend.

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

InwerkingtredingTerugwerkende kracht t/mBetreft (aard van de regeling/wijziging)Datum ondertekening
Vindplaats bekendmaking
Datum ondertekening inwerking-tredingbesluit
Vindplaats bekendmaking inwerkingtredingbesluit
Kenmerk voorstel
1 december 2006 art. 514 november 2006
Provinciaal blad, 2006, 31
14 november 2006
Provinciaal blad, 2006, 31
Onbekend.

Regeling

Besluit van gedeputeerde staten van Utrecht van 20 juni 2006, nr. 2006REG001372i, houdende vrijstellingen van het ligplaatsverbod, gewijzigd bij besluit van 14 november 2006 (Vrijstellingenbesluit wateren provincie Utrecht 2006).

Gedeputeerde staten van Utrecht;

Gelet op de artikelen7c, derde lid, 7g, 7h, vijfde lid, en 7j, vierde lid, van de Verordening bescherming natuur en landschap provincie Utrecht 1996;

Besluiten:

Artikel 1. Woonschepen

Het verbod om een woonschip ligplaats te laten nemen, te ankeren of te meren, of anderszins in een water te plaatsen, bedoeld in artikel 7c, eerste lid, van de Verordening bescherming natuur en landschap provincie Utrecht 1996 , geldt niet voor de volgende plaatsen:

Naam woonarkenpark Adres:

De Dotterbloem Bovendijk te Wilnis.

De Waterlelie Bovendijk te Wilnis.

De Watertuin Bovendijk te Wilnis.

De Vinkenslag Schattekerkerweg De Hoef.

Mur Demmerik 94 te Vinkeveen.

 

Artikel 2.

De in artikel 1 verleende vrijstelling geldt slechts indien de kleuren van het woonschip dekkend donkergroen, donkerbruin, donkergrijs, donkerblauw, antraciet of zwart zijn of als het is betimmerd met onbehandeld red ceder, een en ander in overeenstemming met de omgeving, en indien vergroting van het woonschip binnen de bestaande contour van het park plaatsvindt.

 

Artikel 3.

Het verbod om met een ligplaats voor woonschepen verband houdende voorzieningen te maken of te hebben, bedoeld in artikel 7g juncto artikel 7j, eerste en tweede lid, van de verordening, geldt niet met betrekking tot woonschepen op de in artikel 1 genoemde plaatsen.

 

Artikel 4.

De in artikel 3 verleende vrijstelling geldt niet voor voorzieningen die uitsteken voorbij de woonschipgevel aan de waterzijde.

 

Artikel 5. Andere vaartuigen

1. Het verbod om een vaartuig of ander voorwerp, niet zijnde een woonschip, ligplaats te laten nemen, te ankeren of te meren, of anderszins in een water te plaatsen, bedoeld in artikel 7h, eerste lid, van de verordening, geldt bij een erf voor andere vaartuigen dan bedoeld in het vierde lid van dat artikel, niet: 1e tussen 1 april en 30 september en 2e gedurende ten hoogste drie achtereenvolgende dagen.

2. Het verbod om een vaartuig af te meren geldt niet voor aanlegplaatsen bij horecagelegenheden die als zodanig in een bestemmingsplan zijn aangewezen, voor het in- of uitstappen van passagiers.

3. Het verbod geldt niet voor historische schepen die als varend monument zijn ingeschreven in het Nationaal Register Varende Monumenten bij aanlegplaatsen die als zodanig in een bestemmingsplan zijn aangewezen.

 

Artikel 6. Aanlegplaatsen

1. Het verbod om aanlegplaatsen en daarmee verband houdende voorzieningen te maken of te hebben, bedoeld in artikel 7j, eerste en tweede lid, van de verordening, geldt niet als het een aanlegplaats betreft:

a. voor een vaartuig als bedoeld in artikel 7h, vierde lid, van de verordening of in artikel 5, eerste lid, van dit besluit of;

b. als bedoeld in artikel 5, tweede of derde lid, van dit besluit.

2. Een bij het eerste lid verleende vrijstelling is niet van kracht indien de afmetingen worden overschreden die door de water- of vaarwegbeheerder zijn voorgeschreven bij algemeen verbindend voorschrift.

3. Een bij het eerste lid verleende vrijstelling is niet van kracht indien het gaat om voorzieningen aan de oever behorend bij een woonschip.

 

Artikel 7. Slotbepalingen 

Het Vrijstellingsbesluit woonschepen provincie Utrecht 2003 wordt ingetrokken.

 

Artikel 8.

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het provinciaal blad waarin het wordt geplaatst.

 

Artikel 9.

Dit besluit wordt aangehaald als Vrijstellingsbesluit wateren provincie Utrecht 2006.

B. Staal, voorzitter,
H.H. Sietsma, secretaris.

Toelichting op de regeling

Algemeen

In de Verordening bescherming Natuur en Landschap is opgenomen dat Gedeputeerde Staten vrijstellingen kunnen verlenen van de diverse verboden in hoofdstuk III: het verbod om een woonschip af te meren, het verbod om vaartuigen af te meren en het verbod om havens of aanlegplaatsen of de daarmee verband houdende voorzieningen te maken of hebben. Met dit Vrijstellingenbesluit wateren geven GS invulling aan deze mogelijkheid. De artikelen 1 t/m 4 hebben betrekking op vijf woonarkenparken waar de woonarken vrijgesteld zijn van het provinciale afmetingenbeleid. In artikel 5 worden bepaalde categorieën vaartuigen op bepaalde plaatsen vrijgesteld. Het gaat om het afmeren van vaartuigen gedurende drie achtereenvolgende dagen in de zomerperiode, het afmeren ten behoeve van in- en uitstappen bij horecagelegenheden en het afmeren van historische schepen. In artikel 6 zijn aanlegplaatsen en daarmee verband houdende voorzieningen in bepaalde situaties vrijgesteld.

Artikelsgewijze toelichting

Artikel 1 tot en met 4

Deze vrijstellingsbepaling, die in werking is getreden op 29 maart 2003, is een vervolg op bestuurlijke afspraken inzake afstemming tussen provinciaal en gemeentelijk woonschepenbeleid in de Ronde Venen. De woonarken in de in artikel 1 genoemde vijf woonarkenparken zijn vrijgesteld van het verbod om ligplaats in te nemen. Ook zijn de met deze ligplaatsen verband houdende voorzienigen vrijgesteld (artikel 3). De woonarken zijn vrijgesteld van het provinciale afmetingenbeleid (op grond van de Vnl) omdat de gemeente een afwijkend, ruimhartiger afmetingenbeleid wil hanteren op grond van haar bestemmingsplan. Dit mede naar aanleiding van de historische gegroeide situatie. Het provinciale kleurenbeleid blijft echter onverkort van kracht (artikel 2), evenals enkele aanvullende voorschriften ter voorkoming van uitbreidingen van deze woonschepen (artikel 2) en aanlegvoorzieningen (artikel 4) richting het omringende open polderlandschap.

Artikel 5

Artikel 5, eerste lid 1 Volgens de Vnl mag aan een erf een open boot tot 7 meter afgemeerd worden (uitzonderingsbepaling in artikel 7h lid 4 Vnl). Door de vrijstelling in artikel 5 lid 1 mogen ook andere vaartuigen of voorwerpen afgemeerd worden, maar alleen tijdens het recreatieseizoen en slechts gedurende drie achtereenvolgende dagen. Dit is een vergelijkbare bepaling met de zogenaamde caravanbepaling die in veel APV’s is opgenomen. Deze is bedoeld om het in- of uitpakken van de caravan voor de deur mogelijk te maken. In analogie maakt deze vrijstelling het mogelijk om de boot gedurende drie dagen bij de woning af te meren.

Artikel 5, eerste lid 2 Het afmeren van vaartuigen, ook bij een horecagelegenheid, valt onder het afmeerverbod. Het is echter niet de bedoeling om het kortstondig afmeren van partyschepen of recreatievaartuigen bij een horecagelegenheid, onmogelijk te maken. Het afmeren ten behoeve van het in- en uitstappen bij horecagelegenheden heeft geen zwaarwegende landschappelijke bezwaren. Daarom is deze vrijstellingsbepaling opgenomen. De vrijstelling geldt alleen maar als het een bestemde horecagelegenheid betreft.

Artikel 5, eerste lid 3 Historische schepen horen bij het Nederlandse landschap en vormen onderdeel van het cultuurhistorisch erfgoed. Historische schepen en hun ligplaatsen kunnen deel uitmaken van het totale ensemble van water, natuur en landschap. Dit is in het bijzonder het geval indien varende monumenten niet meer weg te denken zijn en door de tijd heen onderdeel van de omgeving zijn geworden. Cultuurhistorische waarden vallen onder de waarden die de Vnl beoogt te beschermen (artikel 1a Vnl). Het zou daarom niet stroken met de doelstellingen van de Vnl om het afmeerverbod voor vaartuigen zonder meer op historische schepen toe te passen. Daarom is deze vrijstellingsbepaling voor deze categorie vaartuigen opgenomen. Om discussie over het begrip historisch schip te vermijden is aansluiting gezocht bij het Nationaal Register Varende Monumenten. Als een schip aan een aantal criteria voldoet wordt het geregistreerd als Varend Monument. Alleen deze schepen vallen onder de vrijstelling. Daarnaast is de vrijstelling alleen van toepassing op aanlegplaatsen die zijn aangewezen in het bestemmingsplan. Dit om te voorkomen dat historische schepen op een willekeurige plek afmeren. Het wordt zonder nadere restricties met inachtneming van de wettelijke regelingen aan de betreffende gemeente overgelaten om ligplaatsen aan te wijzen voor geregistreerde historische schepen.

Artikel 6

Artikel 6, eerste lid 1 Hiermee is geregeld dat in die gevallen dat het afmeren van een vaartuig toegestaan is (hetzij door de uitzonderingsbepaling in de Vnl, hetzij door middel van de vrijstelling), er een aanlegplaats en daarmee verband houdende voorzieningen vrijgesteld zijn.

Artikel 6, eerste lid 2 De in lid 1 vrijgestelde aanlegplaatsen moeten aan bepaalde afmetingsvoorschriften voldoen om te voorkomen dat zij een te grote inbreuk maken op natuur en landschap. Omdat het verwarrend en niet klantvriendelijk is als verschillende overheden voor een bepaalde aanlegplaats verschillende afmetingsvoorschriften hanteren, is aansluiting gezocht bij de voorschriften die de water- of vaarwegbeheerders stellen. De water- en vaarwegbeheerders hebben ieder eigen afmetingenvoorschriften, die variëren naar de situatie (het soort oever en de breedte van de watergang).

Artikel 6, eerste lid 3 Indien het toegestaan is een vaartuig af te meren bij een woonschip, is het niet toegestaan een aparte aanlegplaats voor het vaartuig aan de oever te maken. Het vaartuig dient aan het woonschip afgemeerd te worden. Dit om te voorkomen dat, naast de aanlegplaats voor het woonschip, de oever over een nog grotere lengte in gebruik wordt genomen.

Artikel 7

De artikelen uit het Vrijstellingsbesluit woonschepen 2003 zijn opgenomen in dit Vrijstellingsbesluit wateren. Het betreft de artikelen 1 t/m 4. Daarmee kan het Vrijstellingsbesluit woonschepen 2003 ingetrokken worden.

Wijzigingsbesluit

Besluit van gedeputeerde staten van Utrecht van 14 november 2006, nr. ?????????.., tot wijziging van het Vrijstellingsbesluit wateren met het oog op historische schepen

Gedeputeerde staten van Utrecht;

Gezien de motie van provinciale staten 18 september 2006, nr. PS2006REG11;

Gelet op artikel 7h, vijfde lid, van de Verordening bescherming natuur en landschap provincie Utrecht 1996;

Besluiten:

Artikel I

Artikel 5, derde lid, van het Vrijstellingsbesluit wateren provincie Utrecht 2006 komt te luiden:

  • 3. Het verbod geldt niet voor historische schepen die als varend monument zijn ingeschreven in het Nationaal Register Varende Monumenten bij aanlegplaatsen die als zodanig in een bestemmingsplan zijn aangewezen.

Artikel II

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het provinciaal blad waarin het wordt geplaatst.

Voorzitter, B. Staal Secretaris, H.H. Sietsma

Toelichting op het wijzigingsbesluit

In de Verordening bescherming Natuur en Landschap is opgenomen dat Gedeputeerde Staten vrijstellingen kunnen verlenen van de diverse verboden in hoofdstuk III: het verbod om een woonschip af te meren, het verbod om vaartuigen af te meren en het verbod om havens of aanlegplaatsen of de daarmee verband houdende voorzieningen te maken of hebben. Met dit Vrijstellingenbesluit wateren geven GS invulling aan deze mogelijkheid. De artikelen 1 t/m 4 hebben betrekking op vijf woonarkenparken waar de woonarken vrijgesteld zijn van het provinciale afmetingenbeleid. In artikel 5 worden bepaalde categorieën vaartuigen op bepaalde plaatsen vrijgesteld. Het gaat om het afmeren van vaartuigen gedurende drie achtereenvolgende dagen, het afmeren ten behoeve van in- en uitstappen bij horecagelegenheden en het afmeren van historische schepen.

Historische schepen horen bij het Nederlandse landschap en vormen onderdeel van het cultuurhistorisch erfgoed. Historische schepen en hun ligplaatsen kunnen deel uitmaken van het totale ensemble van water, natuur en landschap. Dit is in het bijzonder het geval indien varende monumenten niet meer weg te denken zijn en door de tijd heen onderdeel van de omgeving zijn geworden. Cultuurhistorische waarden vallen onder de waarden die de Vnl beoogt te beschermen (artikel 1a Vnl). Het zou daarom niet stroken met de doelstellingen van de Vnl om het afmeerverbod voor vaartuigen zonder meer op historische schepen toe te passen. Daarom is deze vrijstellingsbepaling voor deze categorie vaartuigen opgenomen. Om discussie over het begrip historisch schip te vermijden is aansluiting gezocht bij het Nationaal Register Varende Monumenten. Als een schip aan een aantal criteria voldoet wordt het geregistreerd als Varend Monument. Alleen deze schepen vallen onder de vrijstelling. Daarnaast is de vrijstelling alleen van toepassing op aanlegplaatsen die zijn aangewezen in het bestemmingsplan. Dit om te voorkomen dat historische schepen op een willekeurige plek afmeren.

Gedeputeerde staten

Versies van deze regeling

Deze regeling heeft geen andere versies