Regelgeving: Tijdelijke uitvoeringsverordening subsidie Cultuurparticipatie provincie Utrecht

Hier vindt u alle geldende regelingen; verordeningen en beleidsregels van het provinciebestuur van Utrecht.

Functies bij deze pagina

Subnavigatie

Regelgeving: Tijdelijke uitvoeringsverordening subsidie Cultuurparticipatie provincie Utrecht

Tijdelijke uitvoeringsverordening subsidie Cultuurparticipatie provincie Utrecht

Deze regeling is geldig sinds 1 januari 2011 tot 1 februari 2012

In deze regelgeving

Wettechnische informatie

Gegevens van de Regeling

Type overheidsorganisatieprovincie
Naam overheidsorganisatie (creator):Utrecht
Websitehttps://www.provincie-utrecht.nl/
Citeertitel van de regelingTijdelijke uitvoeringsverordening subsidie Cultuurparticipatie provincie Utrecht
Officiële naam regelingBesluit van gedeputeerde staten van Utrecht van 26 oktober 2010, nr. 2010INT264162, houdende nadere regels op grond van de Algemene subsidieverordening provincie Utrecht
Afkorting van de naam van de regeling 
Vastgesteld doorgedeputeerde staten
Onderwerp van de regelingcultuur, maatschappelijke participatie, subsidies
Datum tot wanneer (een versie van) de regeling geldig is1 februari 2012
Bron

Algemene subsidieverordening provincie Utrecht, art. 4

Algemene subsidieverordening provincie Utrecht, art. 33, lid b

Gedelegeerde regelgeving

Algemene subsidieverordening provincie Utrecht, art. 4

Opmerkingen m.b.t. de regeling

Geen.

Datum van inwerkingtreding van deze versie1 januari 2011
Datum terugwerkende kracht van deze versie 
Betreft (aard van de regeling/wijziging)nieuwe regeling
Datum ondertekening regeling26 oktober 2010
Datum bekendmaking19 november 2010
Vindplaats bekendmakingProvinciaal blad, 2010, 71
Datum ondertekening inwerkingtredingbesluit26 oktober 2010
Vindplaats bekendmaking inwerkingtredingbesluitProvinciaal blad, 2010, 71
Kenmerk2010INT264162

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

InwerkingtredingTerugwerkende kracht t/mBetreft (aard van de regeling/wijziging)Datum ondertekening
Vindplaats bekendmaking
Datum ondertekening inwerking-tredingbesluit
Vindplaats bekendmaking inwerkingtredingbesluit
Kenmerk voorstel
1 februari 2012 art. 717 januari 2012
Provinciaal blad, 2012, 6
17 januari 2012
Provinciaal blad, 2012, 6
80A1F71D
1 januari 2011 nieuwe regeling26 oktober 2010
Provinciaal blad, 2010, 71
26 oktober 2010
Provinciaal blad, 2010, 71
2010INT264162

Regeling

Gedeputeerde staten van Utrecht;

Gelet op de artikelen 4 en 33, aanhef en onder b, van de Algemene subsidieverordening provincie Utrecht;

Overwegende dat het wenselijk is actieve deelname aan cultuur van inwoners van de provincie Utrecht te stimuleren en hiervoor subsidie te verstrekken;

Besluiten de volgende tijdelijke uitvoeringsverordening vast te stellen:

Paragraaf 1 Algemeen

Artikel 1 Begripsbepalingen


In deze uitvoeringsverordening wordt verstaan onder:

  • a. Amateurkunst: het beoefenen van kunst voor of ten behoeve van publiek, zonder dat daaraan een recht op beloning is verbonden of daarmee het verwerven van andere dan kostendekkende inkomsten wordt beoogd;
  • b. Asv: Algemene subsidieverordening provincie Utrecht;
  • c. Cultuureducatie: mogelijkheden bieden aan mensen om zoveel mogelijk in aanraking te komen en kennis en ervaring op te doen met cultuur. Cultuureducatie is leren over, door en met cultuur;
  • d. Cultuurparticipatie: actieve deelname van burgers aan culturele activiteiten;
  • e. Volkscultuur is het geheel van cultuuruitingen die als wezenlijk worden ervaren voor specifieke groepen, steeds onder verwijzing naar traditie, verleden en nationale, regionale of lokale identiteiten.
  • f. Cultureel erfgoed: sporen uit het verleden in het heden, die zichtbaar en tastbaar aanwezig zijn. Dat kunnen voorwerpen zijn in musea, archeologische vondsten, archieven, monumenten en landschappen. En ook de daaraan verbonden gebruiken, verhalen en gewoonten.

Artikel 2 Criteria

 

  • 1. Subsidie kan worden verstrekt voor activiteiten als bedoeld in artikel 33, aanhef en onderdeel b, van de Asv die gericht zijn op het versterken van actieve deelname op het gebied van amateurkunst, cultuureducatie, volkscultuur of erfgoed.
  • 2. Subsidie als bedoeld in het eerste lid wordt slechts verstrekt indien zoveel mogelijk wordt voldaan aan de volgende criteria:
    • a. mate waarin het project bijdraagt aan de doelstellingen van het beleidskader Cultuurparticipatie;
    • b. mate waarin het project innovatief is ten opzichte van het bestaande aanbod van de aanvrager
    • c. omvang van de beoogde publieksparticipatie dan wel het bereik van specifieke doelgroepen die vanuit het provinciale cultuurbeleid voorrang krijgen.
  • 3. Prioriteit wordt gegeven aan projecten van interdisciplinaire aard;
  • 4. Indien het project plaats vindt in de gemeente Utrecht of Amersfoort, dienen de activiteiten daarnaast ook plaats te vinden in een andere gemeente binnen de provincie Utrecht dan Utrecht of Amersfoort.

Artikel 3 Subsidieontvangers / Doelgroepen


Subsidie kan in ieder geval worden verstrekt aan non-profit organisaties.

Artikel 4 Aanvraag en beslissingstermijn


Aanvragen worden in de jaren 2011 en 2012 ingediend voor 1 april en voor 1 oktober.

Artikel 5 Adviescommissie


Aanvragen om subsidie worden voor advies voorgelegd aan de adviescommissie Cultuur provincie Utrecht.

Artikel 6 Weigeringsgronden


In aanvulling op artikel 10 van de Asv kan subsidie in ieder geval worden geweigerd indien
er naar het oordeel van gedeputeerde staten geen of in onvoldoende mate:

  • a. sprake is van een afgebakend project met concreet omschreven resultaten;
  • b. sprake is van een juiste, sluitende en uitgewerkte begroting met dekkingsplan;
  • c. sprake is van een plan waarin wordt aangegeven op welke vernieuwende, diversificerende of verankerende wijze deelnemers actief participeren;
  • d. sprake is van een projectopzet waarin de wijze waarop men actieve deelname denkt te realiseren als gewenst eindresultaat duidelijk geformuleerd is;
  • e. sprake is van een project dat plaatsvindt binnen de provincie Utrecht,
  • f. sprake is van een kwalitatief hoogwaardig project; of
  • g. sprake is van een vernieuwend, verankerend of diversificerend project.

Artikel 7 Hoogte van de subsidie

 

  • 1. Een subsidie voor een evenement bedraagt ten hoogste 70% van de subsidiabele kosten tot maximaal het tekort op de begroting. Het maximaal te verstrekken bedrag bedraagt € 20.000,- per activiteit of project.
  • 2. Geen subsidie wordt verstrekt indien de toepassing van het bepaalde in het eerste lid een bedrag oplevert van minder dan € 3.000,-.
  • 3. Tot de subsidiabele kosten behoren in ieder geval:
    • a. ontwikkelingskosten (proceskosten);
    • b. presentatiekosten;
    • c. kosten ten behoeve van instructiemateriaal (in woord en beeld);
    • d. promotiekosten.

Artikel 8 Verplichtingen subsidieontvanger

 

  • 1. De activiteiten vangen niet eerder aan dan tenminste 12 weken nadat de aanvraag wordt ontvangen.
  • 2. Het project is uiterlijk anderhalf jaar na de datum van de subsidieverstrekking afgerond.

Artikel 9 Europese regelgeving


Voor zover de activiteiten leiden tot voordeel voor een onderneming wordt de subsidie verstrekt met inachtneming van de Verordening (EG) 1998/2006, PbEU 2006, L379/5, betreffende de-minimissteun.

Paragraaf 2 Slotbepalingen

Artikel 10 Inwerkingtreding


Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2011 en vervalt met ingang van 1 januari 2013. Als het provinciaal blad wordt uitgegeven na 31 december 2010 treedt de verordening in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het provinciaal blad.

Artikel 11 Citeertitel


Dit besluit wordt aangehaald als: Tijdelijke uitvoeringsverordening subsidie Cultuurparticipatie provincie Utrecht.

Aldus vastgesteld in de vergadering van gedeputeerde staten van Utrecht van 26 oktober 2010.
Gedeputeerde staten,

R.C. ROBBERTSEN, voorzitter.
H.H. SIETSMA, secretaris.

Uitgegeven 19 november 2010
Gedeputeerde Staten van Utrecht,
namens hen
H.H. SIETSMA, secretaris
 

 

Toelichting op de regeling

Toelichting

Algemeen

Als uitwerking van de cultuurnota 2009-2012 ‘Cultuur is Kracht’ voor wat betreft
amateurkunst en cultuureducatie hebben Provinciale Staten van Utrecht het Programma
Cultuurparticipatie vastgesteld, in samenwerking met het Landelijk Fonds voor
Cultuurparticipatie.
Doel is om organisaties te stimuleren om projecten te organiseren op gebied van cultuurparticipatie,
om het aantal burgers toe te laten nemen dat deelneemt aan cultuur.

Artikelgewijs

Artikel 2
Gedeputeerde Staten kunnen subsidie verstrekken voor projecten passend binnen de
programma’s Amateurkunst en/of Cultuureducatie, steeds met inbegrip van de thema’s
verankering, vernieuwing en diversiteit zoals vastgelegd in het beleidskader programma
Cultuurparticipatie 2009 – 2012 door Provinciale Staten op 30 maart 2009.

Met verankering wordt bedoeld dat een activiteit deel gaat uitmaken van het reguliere
cultuuraanbod.

Met vernieuwing wordt gedoeld op de wijze waarop actieve cultuurdeelname wordt gerealiseerd
op een nog niet eerder georganiseerde manier.

Met diversificerend wordt aangegeven dat het project zich richt op een specifieke
doelgroep.

Artikel 3 Subsidieontvangers/doelgroepen
Subsidie kan worden verstrekt aan non-profit organisaties

Artikel 4 Aanvraag
Er wordt gewerkt met twee rondes per jaar, omdat hiervoor een commissie samen kan
komen om de aanvragen te beoordelen.

Artikel 7
De genoemde bedragen zijn inclusief BTW.
De kosten zijn bestemd voor projecten en niet voor bedrijfsvoering, omdat het gaat om een
vierjarige regeling met als doel cultuurparticipatie te stimuleren.