Fiets neerzetten, trein halen en door. Zo reizen dagelijks duizenden mensen via Utrecht Centraal. Als je haast hebt, wil je snel een vrije plek vinden in een volle fietsenstalling. Daarom zijn er met Europese steun nieuwe digitale oplossingen voor fietsparkeren getest en uitgevoerd. Een mooi voorbeeld hoe de provincie Utrecht voortdurend op zoek is met gemeenten, bedrijven en andere partijen om nieuwe Europese kansen te benutten.
Hoe het lukte om Europees geld naar een Utrechtse fietsenstalling te halen? Pieter Aaldring en Ramon Egberts van ProRail, beheer van het spoor en de treinstations in Nederland, vertellen erover in De Inktpot aan het Moreelsepark. Pieter is subsidiecoördinator. “Ik help alle collega’s aan extra geld voor allerlei projecten,” zegt hij. Voor deze aanvraag zocht hij de juiste Europese regeling. Ramon was destijds technisch projectleider en hield zich bezig met de rekken, de techniek en de uitvoering in de stalling.
Utrecht op de kaart
Niet iedereen weet dat Europa geld beschikbaar stelt voor praktische oplossingen als deze. Voor dit project kwam de steun uit de Connecting Europe Facility, kortweg CEF. Dat programma helpt om vervoer in Europa beter, slimmer en duurzamer te maken.
Volgens Pieter sloot de aanvraag goed aan bij de ambitie om mobiliteit slimmer en duurzamer te maken. Dat is belangrijk voor Europa, maar ook voor Nederland, Utrecht en ProRail. Het ging niet om één fietsenstalling, maar om een grotere aanpak in meerdere steden. Juist daarom stimuleert de EU dit soort projecten met Europese subsidie.
Voor de aanpak werd maximaal vier miljoen euro Europese subsidie beschikbaar gesteld. De aanvraag ging over digitale fietsparkeeroplossingen in Amsterdam, Rotterdam en Utrecht. In eerste instantie kwam Utrecht niet in aanmerking voor subsidie. Op een congres in Ljubljana vroeg Pieter of Utrecht toch mee kon: “Als we nou een aanvraag indienen waarin Utrecht ook voorkomt, kan dat?” Zo kwam Utrecht alsnog in beeld.
Als je goede faciliteiten biedt in een goede stalling, dan gaan mensen die ook gebruiken
Slimmer stallen
Goed fietsparkeren maakt duurzaam reizen aantrekkelijker. “Als je goede faciliteiten biedt in een goede stalling, dan gaan mensen die ook gebruiken,” zegt Ramon. “Dus de combi fiets-trein wordt daarmee aantrekkelijker.” In Utrecht draaide het vooral om slimmer gebruik van de fietsenstalling. Want hoe groter de stalling, hoe belangrijker de vraag voor de fietser: ‘waar is nog plek?’
In de rekken kwamen sensoren die konden meten of een plek bezet was. Ramon: “Het ene doel is dat de beheerder kan zien: deze fiets staat er inderdaad te lang en moet verwijderd worden. Het andere is dat je als reiziger kunt zien: dit gangpad is vol, maar drie gangpaden verder zie ik groene cijfers. Daar is nog plek.” Zo hoeven reizigers minder lang te zoeken en kunnen fietsen die te lang blijven staan sneller worden opgespoord.
Techniek in beweging
Europese steun gaf ruimte om nieuwe technieken in de praktijk te testen. De eerste sensoren hielpen om de stalling beter te gebruiken, maar lieten ook zien waar het slimmer kon. Soms stond een fiets net naast de sensor of paste een brede band niet goed in de gleuf.
Daarom werd later verder gewerkt met camera’s die fietsen tellen met software. “Fietsen die eerst soms niet werden meegeteld, worden nu wel gezien,” zegt Ramon. Zo klopt beter hoeveel plekken bezet zijn en hoeveel er vrij zijn. Voor Pieter hoort dat bij innovatie: “Je zet een stap en daarna zie je dat er nog verbetering mogelijk is.” Wat Utrecht leert, is ook interessant voor andere Europese steden waar steeds meer mensen de fiets pakken naar het station.
We hebben een heel succesvolle combi fiets en trein, maar je ziet ook dat je voortdurend moet inspelen op verandering
Van Brussel naar Utrecht Centraal
Europese subsidie klinkt soms ver weg. Veel mensen weten niet precies wat Europa concreet doet of mogelijk maakt. Maar bij Utrecht Centraal wordt dat ineens tastbaar als het je sneller lukt om een plek voor je fiets te vinden en zo de trein op tijd weet te halen.
Het fietsparkeerproject staat niet op zichzelf. Het lukt steeds beter om Europees geld naar de regio Utrecht te halen. Sinds het begin van de Europese programmaperiode 2021-2027 is al 831 miljoen euro aan subsidie toegekend aan 517 organisaties in de provincie Utrecht. Daarmee zijn 1.255 projecten gestart op het gebied van onder meer innovatie, gezondheid, onderwijs, duurzaamheid en mobiliteit.
De provincie Utrecht ziet nog meer kansen en blijft zich inzetten om Europese geldstromen optimaal te benutten. Dat gebeurt door kansen onder de aandacht te brengen bij gemeenten, kennisinstellingen en bedrijven. En verder door aanvragen te ondersteunen, projecten te begeleiden en samenwerking te stimuleren. Ondertussen blijft ProRail werken aan innovaties rond fietsparkeren. Zo kijkt Ramon alweer naar de volgende verandering. Fatbikes, bakfietsen, kinderzitjes: de fiets van vandaag is niet altijd de fiets van morgen. “We hebben een heel succesvolle combi fiets en trein, maar je ziet ook dat je voortdurend moet inspelen op verandering,” zegt hij. Want de reiziger wil maar één ding: fiets neerzetten, trein halen en door.
Een idee insturen?
Heb je een innovatief projectidee en wil je verkennen of Europese financiering mogelijk is? Stuur dan je projectidee naar europa@provincie-utrecht.nl.
Zie ook
Meer Europese projecten van ProRail
ProRail is betrokken bij meerdere projecten waarvoor Europese subsidie is toegekend. Daarmee behoort de organisatie tot de grotere ontvangers van EU-middelen in de provincie Utrecht. Alleen de Universiteit Utrecht en het UMC Utrecht ontvingen een hoger subsidiebedrag.
Die Europese steun gaat naar verschillende vormen van innovatie op en rond het spoor. Zo neemt ProRail deel aan Europe’s Rail, een Europees innovatieprogramma waarin onder meer Automatic Train Operation wordt ontwikkeld: automatisch bestuurde treinen. Dat kan helpen om treinen gelijkmatiger te laten rijden en de capaciteit op het spoor beter te benutten.
Ook werkt ProRail met Europese LIFE-subsidie aan alternatieven voor glyfosaat bij onkruidbestrijding langs het spoor. In pilots worden methoden getest zoals elektriciteit, bevriezing met stikstof en langzaam-groeiend gras in combinatie met een robotmaaier. Zo draagt Europese financiering niet alleen bij aan bereikbaarheid, maar ook aan veiligheid, duurzaamheid en innovatie.