Gebiedsgerichte beëindiging veehouderijlocaties
Status: Aanvraagperiode open
Aanvraagperiode: -
Met deze subsidie stimuleren we het beëindigen van bedrijfsactiviteiten en het verminderen van stikstofemissie uit stallen. Hierdoor wordt de stikstofbelasting op de naastliggende stikstofgevoelige delen van Natura 2000-gebieden verlaagd. De subsidie wordt beschikbaar gesteld door het Rijk en de provincie kiest ervoor om de subsidie gericht in te zetten in zones van 1000 meter rondom stikstofgevoelige natuur.
De subsidie is beschikbaar voor veehouderijbedrijven die liggen binnen een gebied van 1000 meter rondom de stikstofgevoelige delen van Natura 2000-gebieden.
U kunt hier een kaart raadplegen.
In aanmerking komende rundveehouderijen verminderen de stikstofemissie met meer dan 250 kg NH3/jaar, varkens- en pluimveehouderijen met meer dan 750 kg NH3/jaar.
U kunt subsidie aanvragen voor het beëindigen van een veehouderijlocatie. De volgende kosten komen in aanmerking voor subsidie:
- Een bijdrage voor het laten vervallen van het productierecht, als het gaat om een veehouderij met een productierecht.
- Een bijdrage voor het waardeverlies van de gebouwen en voorzieningen op de veehouderijlocatie. Dit waardeverlies ontstaat doordat de locatie definitief wordt gesloten. Dit geldt niet als u toestemming heeft gekregen van de overheid om de gebouwen of voorzieningen te laten staan.
- Een bijdrage voor de kosten van het slopen en verwijderen van de productiecapaciteit op de veehouderijlocatie.
- Een vergoeding van kosten voor leges en ruimtelijke procedures die direct te maken hebben met het uitvoeren van de activiteiten waarvoor subsidie wordt gegeven.
- Een vergoeding van kosten voor adviesdiensten die direct te maken hebben met het uitvoeren van de activiteiten waarvoor subsidie wordt gegeven.
De veehouderijlocatie die wordt beëindigd ligt in de provincie Utrecht en voldoet aan de minimale eisen voor emissiereductie. Daarnaast gelden de volgende voorwaarden:
- De veehouderij is minimaal 5 jaar achter elkaar op een normale manier in bedrijf geweest.
- De veehouder heeft geen andere afspraken gemaakt over het stoppen van de veehouderij en is daar ook nog niet mee begonnen.
- De veehouder heeft geen vergunde stikstofruimte gebruikt of beschikbaar gesteld voor andere activiteiten waarvoor een natuurvergunning nodig is (extern salderen).
- De veehouder houdt zich aan alle wetten en regels die gelden voor veehouderijen.
- De veehouder heeft zich gehouden aan de regels van de Meststoffenwet en heeft niet meer dieren gehouden of meer mest geproduceerd dan is toegestaan op basis van zijn productierechten.
- De veehouderij is niet failliet, heeft geen uitstel van betaling gekregen en heeft geen schuldsanering lopen.
- De veehouderij verkeert niet in financiële moeilijkheden.
- De veehouder heeft geen openstaande betaling voor het terugbetalen van te veel ontvangen staatssteun.
De hoogte van het subsidiebedrag wordt bepaald ná het in behandeling nemen van de subsidieaanvraag en wordt als volgt bepaald:
- Aan de hand van het ingediende beëindigingsplan geeft de provincie opdracht aan twee onafhankelijke taxateurs om gezamenlijk de waarde van de te vervallen productierechten én het waardeverlies van de productiecapaciteit te bepalen.
- Aan de hand van twee door de ondernemer aan te leveren sloopoffertes van voor circulair slopen gecertificeerde bedrijven en het verkrijgen van een projectverificatieverklaring nadat de sloop is gerealiseerd (www.veiligslopen.nl). Wanneer voldaan wordt aan deze kwaliteitseis is de laagste offerte uitgangspunt voor subsidieverlening.
- Een door de ondernemer aangeleverde kostenraming van de leges en planologische procedures verbonden aan de uitvoering van de subsidiabele activiteiten.
- Een door de ondernemer aangeleverde kostenraming voor adviesdiensten, in verband met de beëindiging van een veehouderijlocatie, geleverd door accountant of financiële instelling, fiscalist en bedrijfseconoom met een maximum van 5.000 euro. Kosten voor planologische adviesdiensten zijn daarbij uitgesloten.
Voordat u subsidie kunt aanvragen, registreert u eerst uw belangstelling. Daarna volgt een oriënterend gesprek met een zaakbegeleider. In dit gesprek wordt bekeken of uw bedrijf voldoet aan de voorwaarden van de regeling. De zaakbegeleider begeleidt u vervolgens bij het opstellen van een haalbaar en realistisch beëindigingsplan.
U kunt uw belangstelling registreren vanaf 5 januari 2026 tot half februari 2026. Dit doet u door het daarvoor bestemde registratieformulier in te vullen samen met een opgave van de stalsystemen waarover u beschikt en de daarin gehouden dieraantallen en daarvoor benodigde productierechten.
Het aanvragen van de subsidie is mogelijk in mei 2026. U dient dan een digitaal aanvraagformulier in. De als compleet beoordeelde aanvragen worden behandeld op volgorde van binnenkomst.
N.B. Wanneer u geen gebruik heeft gemaakt van de belangstellingregistratie begin 2026 is er geen sprake geweest van vooroverleg. In dat geval is uw aanvraag niet compleet en volgt alsnog vooroverleg met de zaakbegeleider.
Wanneer u subsidie krijgt toegekend, ontvangt u een verleningsbeschikking. Binnen zes maanden sluit u daarna een overeenkomst met de provincie. In deze overeenkomst legt u vast dat u uw productielocatie sluit en dat dit besluit niet meer teruggedraaid kan worden. Ook legt u vast dat u stopt met de bijbehorende dieraantallen.
Daarnaast belooft u dat de beëindigde veehouderijtak niet op dezelfde locatie door iemand anders, en ook niet elders in Europa, wordt voortgezet.
In geval de beëindiging gepaard gaat met sloop en afvoer van opstallen is de realisatietermijn gesteld op 34 maanden na het tekenen van de overeenkomst met de provincie.
De subsidieregeling voorziet in de mogelijkheid om op de beëindigde veehouderijlocatie nieuwe activiteiten te ontwikkelen, waarvan de toegestane stikstofemissie ten gevolge daarvan maximaal 15 procent bedraagt van de stikstofemissie van de activiteiten waarvoor eerder toestemming was verleend.
N.B. aangezien hierbij sprake is van intern salderen is het goed om te weten dat de nieuwe activiteiten vergunningplichtig zijn, dat het verkrijgen van een vergunning niet vanzelfsprekend is én dat tegen een verleende vergunning bezwaar kan worden aangetekend.
Bent u een geregistreerde PAS-melder dan is goed om te weten dat de provincies hiervoor gelijktijdig een op de doelgroep PAS-melders gerichte beëindigingsregeling heeft vastgesteld.
Het is goed om te weten dat u inkomstenbelasting of vennootschapsbelasting betaalt over de verkregen subsidie; u hoeft hierover geen btw af te dragen.
Voor vragen kunt u contact opnemen met: Sgbv-U@provincie-utrecht.nl.